Bezoek werelderfgoed in Wallonië: de steenkolenmijnen

Vier kolenmijnensites in Wallonië zijn in juli 2012 gezamenlijk toegevoegd aan de UNESCO Werelderfgoedlijst. Het gaat om de mijn van Grand Hornu voor de architectuur, Bois-du-Luc voor het sociale aspect, Blegny-Mine voor de knowhow en de Le Bois du Cazier, voor de herinnering aan de honderden omgekomen arbeiders. Alle sites zijn toegankelijk voor het publiek.

Steenkool, ijzererts, arduin en marmer; Wallonië heeft een rijke boden. Op sommige plaatsen wordt  zelfs gouderts gewonnen. Die bodemschatten maakten -samen met die uit de koloniën- van België ooit een van de rijkste landen ter wereld.

Brand kost 292 mijnwerkers het leven
De steenkolenmijn Bois du Cazier in Marcinelle staat vooral bekend om de ramp die op 8 augustus 1956 plaatsvond. Door een menselijke fout brak er brand uit, waarbij de mijnwerkers als ratten in de val zaten en omkwamen in de giftige gassen. Van de 274 mannen die ’s ochtends in de mijn afdaalden, vonden er 262 de dood. Ondanks de catastrofe werden de werkzaamheden gewoon voortgezet. Arbeiders voelden zich genoodzaakt de rampenmijn weer in te gaan vanwege de banenschaarste in het gebied. Uiteindelijk sloot in 1967 de mijn definitief zijn deuren. Tegenwoordig is er een museum in Bois du Cazier.

Afdalen met voormalige mijnwerker
In maart 1980 verliet het laatste kolenkarretje de Blegny-mijn bij Luik, ten zuiden van Maastricht . Al vrij snel daarna was de mijn toegankelijk voor het publiek en het was de eerste Europese kolenmijn waarin toeristen een kijkje konden nemen. Het is vooral deze mijn die je direct een goede indruk geeft van wat het mijnwerkersleven moet zijn geweest. In de mijn wordt je rondgeleid op de manier zoals vroeger de mijnwerkers vroeger aan hun werkdag begonnen: werkjas aan en helm op. Vervolgens ben je voor twee uur vertrokken in de onderaardse gangen met een voormalige mijnwerker. De mijn telt maar liefst acht ondergrondse verdiepingen; het diepste punt ligt lager dan een halve kilometer.

Historische arbeiderswijken
Ook twee arbeiderscomplexen, Grand-Hornu en Bois du Luc hebben een plaatsje bemachtigd op de lijst. Tegenwoordig vind je het museum voor Moderne Kunst op Grand-Hornu. De historische arbeiderswijk bij Bois du Luc is bewaard gebleven en nog steeds bewoond. Hier is nu ook een ecomuseum gevestigd.

Bezoek Waals werelderfgoed vanuit hotel L’Auberge du Notaire
Vooral de mijnen in Blegny (Luik) en Bois du Cazier (Marcinelle) zijn gemakkelijk te bezoeken als je in charme hotel L’Auberge du Notaire in de Ardennen verblijft. Blegny ligt op zo’n 70 van Vielsalm, Marcinelle op 168 kilometer. Tip: vertrek ’s ochtends op tijd van huis en bezoek eerst de mijn van Blegny voordat je naar L’Auberge du Notaire rijdt. Dan heb daarna nóg een hele dag om vanalles te doen.

Reserveer hier een van de gastronomische arrangementen in dit monumentale pand dat voorheen een notariswoning was.

Bekijk de VRTnieuwsuitzending over de Waalse kolenmijnsites.